VARA's Rambam zet bijl aan de wortel van (fout) vrijwilligerswerk

[11 december 2016]
Wij waren al een tijdje op de hoogte van de plannen van Rambam om zich eens kritisch en scherp te verdiepen in het wereldje van het internationaal vrijwilligerswerk. De redactie hing regelmatig aan de telefoon bij het bestuur van Volunteer Correct. De interesse was oprecht, een programma als Rambam stelt het maatschappelijke dilemma voorop, zo is onze indruk, maar direct daar achteraan gelden moderne televisiewetten: de honger naar kijkers. De doelgroep wordt niet gezocht niet bij de contemplatieve volwassene met levenservaring, die een goed gesprek wil beluisteren. Rambam is een flashy en hip programma, shots duren niet meer dan 30 seconden, met wervelstormen aan snelle informatie. Vóórdat de verwachte vervolgvragen worden gesteld is het volgende shot alweer gestart. Vijfentwintig minuten sneltreintelevisie zet heel veel op de kop. Voor nuancering is geen tijd.
Dat een hele kwalijke praktijk wordt blootgelegd, juicht Volunteer Correct van harte toe. Maar de vraag is: in hoeverre lijden, als gevolg van zo’n hippe flashdocu, de goeien (duurzame ontwikkelingsprojecten die óók graag met inzet van vrijwilligers en stagiairs werken) onder de kwaaien (de door Rambam gehekelde commerciële vrijwilligerstoerismebureaus)?

Schrijver van deze redactionele beschouwing van onderhavige Rambam-uitzending is net terug na een reis naar Ghana. Ghana is een stabiel land met een vredelievend volk, dus is altijd een ‘vrijwilligers-darling’ geweest. Maar vier jaar geleden dook in West-Afrika de ziekte ebola op. Jarenlang gingen er nauwelijks meer vrijwilligers naar Ghana. Daar hebben veel lokale projecten met een belang in de inzet van vrijwilligers flink onder geleden. In Ghana is echter nooit sprake geweest van ebola. Alle vrijwilligerswerk in Afrika heeft geleden onder ebola, zelfs tot aan Tanzania en Zuid-Afrika aan toe, waar de ziekte ook nooit is opgedoken. En dan te bedenken dat vanuit Ghana bezien Europa dichterbij ligt dan Tanzania en Zuid-Afrika! Zo primair werkt het met de mens; zo weinig zoekt men… de nuance. Dat Rambam zo’n ‘ebola’-achtige invloed zou kunnen hebben (‘waar rook is, is vuur’, dus doe maar helemáál geen vrijwilligerswerk’), dat zou tragisch zijn. Bovendien is de uitzending voor 90% opgehangen aan één segment: het vrijwilligerswerk met jonge kinderen, met name in weeshuizen.

Fun-vrijwilligerswerk
Toch is Volunteer Correct blij met de Rambam-uitzending. De ‘markt’ van internationaal vrijwilligerswerk is een hele diffuse en kwetsbare. Het is een instrumenteel bemiddelende markt, waarbij het doel niet zou moeten liggen bij het vrijwilligerswerk en de vrijwilliger, doch bij een zingevende interculturele relatie, die zich vertaalt naar de juiste inzet van expertise en daadkracht ten behoeve van een bijdrage aan een concreet en positief maatschappelijk doel. Daar hoort het door Rambam zo krachtig aan de oppervlakte gebrachte foute vrijwilligerswerk gewoon niét bij! In dit vooral op ‘voluntourism’ gerichte vrijwilligerswerk, georganiseerd door commerciële vrijwilligersreisbureaus, staan de fun-ervaring van de vrijwilliger en het verdienmodel van het bedrijf centraal.

Volunteer Correct is in het verleden vaker verweten, een particuliere vete uit te vechten met de Nederlandse marktleider in internationaal vrijwilligerswerk, de onderneming Projects Abroad. Ook in deze Rambam-uitzending wordt een flinke klemtoon gelegd op de praktijken van Projects Abroad. De achtergrond is heel simpel: iedereen die zich waagt in het wereldje van internationaal vrijwilligerswerk, komt vanzelf bij Projects Abroad uit. Google zet de organisatie bovenaan (waarvoor ze goed betaalt), de organisatie werkt in een enorm aantal landen met een diversiteit aan projecten en sluit het nauwst aan bij de oppervlakkige wijze waarop de jonge aanstaande en onwetende vrijwilliger zich op deze markt begeeft. Rambam laat het licht goed schijnen op de schaamteloze prijsstellingen van Projects Abroad: een interview met één van Projects Abroad’s eigen lokale partners in het bestemmingsland toont aan, dat ongeveer eenderde deel van de kosten daadwerkelijk daar worden uitgegeven. Waar de wereld van internationaal vrijwilligerswerk uniek in is: de enige markt waarbij de marktleider tevens veruit de duurste productaanbieder is.

Rambam besteedt veel aandacht aan het weeshuisvrijwilligerswerk, waar (gelukkig) de laatste tijd een flink vergrootglas op wordt gezet. Juist dit marktsegment is aantrekkelijk voor jonge, vooral vrouwelijke (80%!) vrijwilligers: je hoeft er niks voor te kunnen en het werken met jonge kinderen appelleert erg makkelijk en snel aan een bijzondere persoonlijke ervaring. (Het woord ‘knuffelen’ duikt dan steevast op.) De opgenomen telefoongesprekken met aanbiedende organisaties doen ons huiveren van schaamte en boosheid: je zou er liefst een officiële inspectie-instantie op af sturen. Het zou gewoon verboden moeten worden. Volunteer Correct heeft nog heel veel werk te doen!

Training
Tot slot is vermeldenswaard hoe de marktleider op het terrein van voorbereiding en training voor a.s. vrijwilligers, de stichting Muses, over het voetlicht wordt gebracht. De redactie van Rambam is ‘under cover’ bij een training aanwezig geweest en heeft stiekem film- en geluidsopnamen gemaakt. Je mag je afvragen, of deze werkwijze moreel verantwoord is. Het is wel zo, dat op deze wijze bijzondere achtergronden inzichtelijk worden. Veel organisaties – ook organisaties die zich graag profileren met uitgangspunten als duurzaamheid en transparantie – vertellen op hun website, dat deelname aan deze Muses-training gratis is. Dat is misleidend. De training is wel relatief goedkoop, vooral doordat de trainingen goeddeels door (ex-)vrijwilligers worden gegeven. In de Rambam-uitzending komt naar voren, welke implicaties dit heeft: de vrijwilligersorganisaties, die de Muses-training afnemen, worden niet gescreend. Projects Abroad, als klant van Muses, is gewoon nodig: ze levert veel betalende klanten. Stiekem gefilmd laten de trainers dit onverbloemd weten. Een blikje in de keuken van zo’n training maakt duidelijk dat het hier om een erg oppervlakkige training gaat en niet om een degelijke voorbereiding op een intensieve interculturele ervaring.

Er is ook goed vrijwilligerswerk!
Onze ‘pijn’ zit ‘m vooral in het cynisme-verhogende effect dat een Rambam-uitzending als deze kan hebben. Het is onthutsend zo’n blik te kunnen werpen in een wereld met zoveel valse praktijken. Tegelijkertijd heb je dit wel nodig om iets te kunnen aanpakken.
Het zou geweldig zijn geweest, als de uitzending tien minuten langer had geduurd en deze tien extra minuten zouden worden besteed aan het licht werpen op de praktijken van een aantal duurzame, niet-commerciële projectorganisaties, die vrijwilligers zinvol inzetten in een interculturele setting met alleen maar maatschappelijke, sociale ‘winst’ en bijzondere persoonlijke ervaring en groei tot gevolg, zowel aan de kant van de vrijwilliger alsook aan de kant van de ontvanger. Daar zijn er namelijk ook heel veel van.
De Transparantie-index van Volunteer Correct is een bruikbaar instrument dat aansluit bij de pijn van deze aflevering en waar nog veel meer gebruik van gemaakt kan worden.

Niko Winkel, 11 december 2016 

[Dit artikel is tevens gepubliceerd op de website van Volunteer Correct]

Volunteer Correct: 2e release Volunteer Transparantie-Index

[12 juni 2016]
Drie maanden na de introductie van de Tranpsparantie-Index presenteert Volunteer Correct de aangepaste release. Veel veranderingen én betere noteringen, met een nieuwe topscore erg dicht bij de 100%.

Stand van zaken bij 2e release
Op 2 maart heeft Volunteer Correct de eerste resultaten van het onderzoek naar de kwaliteit van de website-informatie van de Nederlandse vrijwilligersuitzendende organisaties online gebracht. Dit onderzoek was geheel uitgevoerd door onafhankelijke onderzoekers. Volunteer Correct heeft de resultaten gedeeld met de beheerders/eigenaars van deze organisaties en van een groot aantal van hen redactionele bijdragen gekregen. Op basis van deze bijdragen presenteert Volunteer Correct nu de 2e release.

Fidesco en Locals Dreamers delen nu de eerste plaats met een score van 97,5%. Oftewel: 39 van de 40 punten. Daarna staan VSO en Doingoood op de 3e plaats met 95%, Ontmoet Afrika met 92,5% op de 5e en Stichting Weesaapjes met 87,5% op de 6e plaats. Daarna zijn er maar liefst 9 organisaties op een gezamenlijke 7e plaats op 82,5%.

Lees verder op de website van Volunteer Correct

"Waarom ik iedereen vrijwilligerswerk in kinderhuizen afraad"

[21 mei 2016]
Volunteer Correct-medeoprichter Reinier Vriend is gevraagd naar zijn mening over vrijwilligersreizen naar kinderhuizen. Die steekt hij niet onder stoelen of banken: voor hem is het over en sluiten met deze vorm van toerisme. ‘Jaarlijks vertrekken rond de 100.000 Nederlandse vrijwilligers naar het buitenland om daar vrijwilligerswerk te doen. Een groot deel daarvan komt daarbij in contact met kinderen in gezinsvervangende situaties; ook wel weeshuizen genoemd. De vaak goedbedoelde hulp van vrijwilligers kan op verschillende manieren schadelijk zijn voor de kinderen. Zet daarom je tijd, geld en moeite ergens anders voor in; de kinderen in kwestie help je van de regen in de drup.

Je bent je er misschien niet van bewust, maar jouw vrijwilligersreis naar een project met kinderen brengt risico’s met zich mee die structureler zijn en verder reiken dan jouw verblijf daar. Hoewel ik de volgende uitspraken volledig voor eigen rekening neem, zijn ze gebaseerd op gedegen wetenschappelijk onderzoek. Dit zijn vier redenen waarom ik al het vrijwilligerswerk bij ‘weeshuizen’ afraad.

Lees dit belangrijke artikel van mijn Volunteer Correct-bestuurscollega op de website van OneWorld!!

Revolutie in Tanzania - Magufuli pakt door (vervolg week 15)

WEEK 15 2016

MAGUFULI'S WEEK 23

 

Apr 11th 2016

The Tanzania Breweries Limited (TBL) company paid more government revenues last year than the country’s six major gold mines combined in the latest sign of a hard-to-explain tax rate disparity amid allegations of large-scale tax dodging by the mining firms.

http://www.ippmedia.com/news/tax-paradox-when-beer-worth-more-gold

Apr 11th 2016

CCM has vowed to continue supporting the current government initiatives of restoring discipline in the public service in a bid to improve service delivery as well as improve people’s lives. Lowassa (opposition) was quoted as saying Magufuli misuses his power as President, saying those who were found to have abused their responsibilities were supposed to be taken to court to prove their innocence.

http://www.ippmedia.com/news/ccm-backs-govt-over-civil-service-discipline

Apr 11th 2016

Tanzania is getting a $65 million World Bank credit to improve citizens’ access to legal services. “There are too many Tanzanians for whom access to justice services is a luxury but it shouldn’t be – it is core to social sustainability and peoples’ well-being. With the economy growing as fast as it is, the country’s justice system which is part and parcel of the enabling environment for business and investment needs to support increased demand,”

http://www.busiweek.com/index1.php?Ctp=2&pI=5016&pLv=3&srI=49&spI=27&cI=10

Apr 11th 2016

Magufuli promises refreshing times for EAC

http://www.newtimes.co.rw/section/article/2016-04-12/198880/

Apr 11th 2016

The Prime Minister Kasim Majaliwa has over the weekend launched the NMB Bank Integration with the Local Government Authorities Revenue Collection system (LGRCIS) in a move aimed at getting rid of physical cash collection to electronic revenue collection systems.

(note: this also might end the momentarily unclear and troublesome collection of levies and fees on district level)

http://www.ippmedia.com/business/pm-launches-e-revenue-collection-system-local-govts

Apr 12th 2016

Govt Orders Repay of All Ghost Worker Salaries The deputy minister of State in President Office (Regional Administration and Local Government), Mr Suleiman Jaffo, issued the directive in Dodoma today hinting that repayments from individuals who have been receiving illicit salaries are already underway

http://allafrica.com/stories/201604111507.html

Apr 13th 2016

Sumbawanga District Commissioner Mathew Sedoyeka has banned consumption of beer and other alcoholic drinks in bars and pombe shops during working hours effective yesterday.

http://allafrica.com/stories/201604130866.html

Apr 13th 2016

Tanzania is among the three East African countries whose economies grew strongly in 2015 despite the overall slowdown in economic activities in Sub-Saharan Africa.

http://allafrica.com/stories/201604140310.html

Apr 13th 2016

A quarterly report compiled by the Prevention and Combating of Corruption Bureau (PCCB) in Geita states that local government authorities are on top of the list officials reported for corruption. Briefing the media on the first quarter performance report, Geita regional PCCB commander Thobias Ndaro said local government authorities had 10 allegations against them, the highest number compared to other institutions over the last three months

http://allafrica.com/stories/201604141083.html

Apr 13th 2016

The Controller and Auditor General (CAG) is conducting a special audit to verify the validity of debt totalling billions of shillings the government owes public servants. Prime Minister Kassim Majaliwa said yesterday the government had directed the CAG to verify the claims since many of them are "highly questionable"

http://allafrica.com/stories/201604141124.html

Apr 14th 2016

The government has uncovered and ordered an immediate closure of the illegal timber workshop operating within the National Stadium premises in Dar es Salaam.

http://allafrica.com/stories/201604140384.html

Apr 14th 2016

The Acting Port Manager, Hebel Mhanga, told the Daily News in an interview yesterday that the VAT on transit was scaring away importers as they fear it would increase port charges hence inflating their costs of doing business. A Kenyan newspaper reported over the weekend that Tanzania business community were ditching Dar es Salaam port for its rivals due to excessive bureaucracy and delays by the port management in making decisions for "fear of annoying the presidency."

http://allafrica.com/stories/201604140212.html

Apr 15th 2016

KivulineI Village Government leaders in Mwanga District have been forced out of office after it transpired that they have allegedly been involved in malpractices such as selling village land without the consent of villagers.

http://allafrica.com/stories/201604151149.html

Apr 16th 2016

Man in court for slandering JPM Habakuki Emily (40), a resident of Olasiti area in Arusha was yesterday arraigned before Arusha Resident Magistrate Augustino Rwezile to answer charges of going online in abusive language against President John Pombe Magufuli. He is accused of committing the offense on March 17 by tagging a Facebook message from his mobile phone calling the president a coward not worth a dime compared to founding father Julius Kambarage Nyerere, ridiculing him as an actor and his leadership a stage on which he performs.

http://www.ippmedia.com/news/man-court-slandering-jpm

Apr 17th 2016

President John Magufuli revealed yesterday that the long-awaited Dar es Salaam Rapid Transit (DART) project took long to commence because some people he described as crooks planned to take over the government’s 49 per cent stake in the project for themselves.

“After the project was completed we could not allow it to start operations because we smelt fraud. The total cost of the project is Sh388bn ($ 185milion) this is taxpayers’ monies who deserve better,” said a visibly perturbed president.

http://www.ippmedia.com/news/why-dart-has-delayed-operate-jpm

Poverty Porn vs. Reality: Broken Kids?

[6 april 2016]
Bekka Ross Russell runt in Arusha, Tanzania, haar eigen NGO, genaamd ‘The Small Things’. The Small Things is een opvangcentrum voor kinderen. Bekka neemt stelling tegen de wijze waarop wereldwijd kinderen in ontwikkelingslanden ‘vermarkt’ worden in een vorm van vals sentimentaliteit gericht op het werven van donorbijdragen of vrijwilligers. In het Engels is er een beeldende kreet voor bedacht: ‘poverty porn’.

Ze schreef kort geleden een interessant verhaal op het weblog van Huffington Post. Het begint als volgt: “Ik was net als de meesten, ooit. Toen ik besloot om een jaar vrijwilligerswerk te gaan doen in Tanzania, zei ik dat ik liever niet in een weeshuis wilde werken. Ik houd van kinderen, maar juist daarom leek het mij niet goed om in een weeshuis te werken met getraumatiseerde, verweesde kinderen. Dat zou me te droevig zijn.
poverty porn1Mensen zijn geneigd, bewust of onbewust, om kinderen in twee categorieën te verdelen. Enerzijds gelukkige, gezonde, normale kinderen en anderzijds zielige, arme, sneue kinderen. Wij hebben nou eenmaal de mazzel gehad, dat we aan de welgestelde kant van de wereld geboren zijn. En die ‘poverty porn’, dat is een mooie tactiek om ons onder de neus te wrijven, wat voor mazzel wel hebben, en om op ons schuldgevoel te prikken, met het oog op donaties etc.
Maar weet je: het klopt helemaal niet! Hoewel de kinderen in Tanzania vaak heel veel verlies een ellende hebben moeten verwerken, zijn ze zonder uitzondering de blijste, gelukkigste en vrolijkste kinderen, die ik ooit heb ontmoet! En wat ook zo belangrijk is: er wordt heel veel van ze gehouden, al vanaf de dag dat ze geboren worden!”

poveryporn2Vervolgens gaat Bekka nader in op haar ervaringen in Tanzania; wat ze organiseert vanuit haar kinderproject ‘The Small Things’ (vooral gericht op het weer herstellen van familieverbanden) en ze stelt, dat het mogelijk is om een reëel perspectief te creëren op het respect voor de cultuur en gewoonten in een land als Tanzania, onderwijl een actieve bijdrage leverend aan zorg en ontwikkeling.
Ik vind dit artikel een mooi tegenwicht bieden tegen de vooronderstelling, dat ‘werken met kinderen’ (als vrijwilliger vanuit de 1e wereld) eigenlijk gewoon helemáál zou moeten worden ontmoedigd.
Je kunt het hele artikel lezen op de website van Huffington Post.

Website ‘The Small Things”
Artikel ‘But aren’t those kids broken? Poverty porn vs. Reality’ (Huffington Post)

Dit artikel is ook gepubliceerd op de website van Volunteer Correct

Internationaal vrijwilligerswerk: waar gaat het debat over?

[22 maart 2016]
Het zijn de belangrijkste vragen die momenteel rondzingen in de wereld van het vrijwilligerswerk: is internationaal vrijwilligerswerk eigenlijk wel OK, is het duurzaam, is het nodig, is het ethisch verantwoord? Misschien ben je wel bekend met deze vragen. Misschien is een term als ‘voluntourism’ (of: vrijwilligerstoerisme) al bekend. Maar of ze nu nieuw zijn of niet, dit artikel wil de belangrijkste argumenten voor en tegen internationaal vrijwilligerswerk nog eens nader uitlichten.

Voordat we beginnen is het belangrijk, dat we stellen dat we geloven in de waarde van verantwoord vrijwilligerswerk, of dat nu in het thuisland is of in een ontwikkelingsland. Soms wordt het enigszins cynisch beschouwd als een ‘toegangsritueel’, maar internationaal vrijwilligerswerk, voor, tijdens of na een beroeps- of universitaire opleiding kan werkelijk een verrijkende ervaring betekenen, met zowel voordelen voor de persoonlijke ontwikkeling als ook voor de gemeenschap die van de inzet heeft mogen profiteren. Jammer genoeg kan het echter ook een middel zijn voor verkeerd bedoelende mensen om snel geld te verdienen.
(Lees het gehele artikel op de website van Volunteer Correct)

De werkelijkheid achter de Facebook-foto's: voluntouristen helpen vooral zichzelf

"Ieder jaar reizen er 1,6 miljoen vrijwilligerstoeristen naar verre oorden. Ze gaan niet alleen kijken, ze dragen ook ‘een stukje bij aan de medemens.’ In de film #doinggood volgen we een vrijwilliger die in Zuid-Afrika op een crèche gaat werken. Want doen die mensen echt 'goed,' of is het vooral een industrie?"
Jos de Putter van De Correspondent presenteert op de website een korte documentaire van Loeke de Waal en Steffi Posthumus. Ze volgen Mitchell, een 21-jarige student die een maandje vrijwilligerswerk gaat doen in een kindercentrum in Kaapstad. 

Het geschetste beeld is onthutsend. Er is niet of nauwelijks sprake van begeleiding of het concreet benoemen van taken. "Ga maar met de kinderen spelen", dat is zo'n beetje waar het om gaat. 
Ook wordt de andere kant in beeld gebracht: waar het bij het échte "voluntourism" om gaat: vrijwilligers ontmoeten elkaar, leren internationaal nieuwe vrienden kennen en slaan grote hoeveelheden shotjes achterover. 

Bekijk de documentaire, hij duurt maar een minuut of 13, online op de website van De Correspondent! 
Loeke de Waal was een week of zes geleden ook op bezoek bij "Van Liempt Live", op RTLX. Een zender die ikzelf helemaal niet kende; ik trof dit toevallig op YouTube. Geen idee hoeveel mensen dit hebben bekeken. Maar als interview is het zeker ook de moeite waard. 

 

Doingoood: 'Wat je moet weten over wildlife vrijwilligersprojecten'

Afgelopen zomer was de beroemdste leeuw Cecil uit Zimbabwe wereldnieuws nadat hij was doodgeschoten door een toerist. Helaas gebeurt hetzelfde op veel meer plekken, alleen weten we vaak niet welke organisaties hieraan meewerken. Zoek jij een wildlife project waar je stage kan lopen of vrijwilligerswerk wilt gaan doen? Er zijn duizenden plekken waar je, tegen betaling, als stagiair of vrijwilliger aan de slag kunt gaan. Maar wanneer weet je of je de juiste keuze maakt en een goed project kiest?

Lees het gehele artikel Ineke van Huuksloot en Wendy Meerbeek op de webiste van Doingoood. 

Revolutie in Tanzania - Magufuli pakt door (vervolg - week 2)

[18 januari 2016]
Tanzania blijft in beroering. De laatste week ook weer veel vermeldenswaardige gebeurtenissen in Tanzania. Magufuli en zijn nieuwe regering pakken de misstanden aan. GoTanzania houdt de ontwikkelingen bij in een wekelijkse update.

Jan 10th
* Tanzanians may have reason to smile if the latest government plan to make medical insurance cover mandatory for all. This, according to information from the government, will go hand in hand with plans to bolster the healthcare financing system in the country by helping the poor access prepaid health services through the existing health insurance schemes, such as the National Health Insurance Fund (NHIF) and the Community Health Fund(CHF). (Source
* The fisheries department in Sumbawanga District, Rukwa Region (lake Victoria) has destroyed 52 unauthorised fishing nets and other illegal fishing gear estimated to have a total value of 41m/-. (Source)

Jan 11th
* GOVERNMENT plans to introduce a special programme to enable medical specialists reach patients in all parts of the country. “We want to attain the national goal of serving the whole country with medical specialists instead of being stationed in urban areas,” the minister Songea of Health, Community Development, Gender, Elderly and Children stressed. (Source)  
* MWANZA Regional Commissioner (RC), Mr Magesa Mulongo, was on Monday given 48 hours to issue a clear cut explanation why most of the city’s streets were filthy.Deputy Minister in the Vice-President’s Office (Environment and Union), Mr Luhaga Mpina pointed out that hygiene remains national agenda thus everyone in the country had to play part in ensuring that environmental cleanliness is highly observed. (Source)

Jan 13th
* LATEST Gross Domestic Product (GDP) estimates indicate that the economy has gone up by 6.3 percent in the third quarter of 2015, compared to 5.4 per cent recorded in the corresponding quarter of 2014, the National Bureau of Statistics (NBS) has said. The positive growth trend is testimony that the government has been delivering its various services to people as planned in all sectors of the economy. It also means that there was an improvement in social service delivery during the period under review. (Source)
Tanzania Education Authority (TEA) has disbursed a total of Tzs 2 Billion which will be used to conduct special training for secondary school teachers in order to improve their ability to teach slow learners. (Source)
JOHN Pombe Magufuli may have been a compromise candidate, but less than three months after taking over as Tanzania's president, his radical reforms have the region in awe. Many east Africans are hoping for the "Magufulification" of their countries as they watch the 56-year-old cut perks to officials, channel funding to public services and tackle corruption. (Source)
Kariakoo and Tandale markets which were mopped clean one month ago with traders and local government leaders swearing before cameras that never again these key service areas will allow garbage to pile up, have apparently failed to keep the promise. (Ipp media 13-1-16)
* The government warned Mwanza Factories About Rampant Toxic Pollution. It will not hesitate to shut down factories which pollute the environment with harmful chemicals. (Source)  

Jan 14th
* The government has assured the public that it is working round the clock to address minor challenges experienced in some schools with the introduction of free education. It has also defended the presence of such trivial shortcomings, insisting that it was not easy to start implementing such policy fully on right footing. The clarification comes amidst complaints from various stakeholders, including parents and teachers, that the implementation of the policy has to some extent gotten off on the wrong foot. (Source

Jan 15th
* The government has threatened to take stringent measures against dishonest business people involved with illegal importation of refined edible oil as crude product with the purposes of evading tax. The move follows complaints from local producers of sunflower edible oil over lack of fair competition in the market with the government saying verification of the product will now be done at the port Tanga. President John Magufuli has revoked title deeds of five estates in Tanga Region with effect from December 15 last year. (Ipp media 15-1-16)
* The Minister for Lands, Housing and Human Settlements Development, Mr William Lukuvi, told a meeting of regional leaders in the RC’s office that Tanga Region had vast areas of land which had been left idle for a long time without being developed. He declared 2016 as the year for eliminating land disputes countrywide The estates are Kihuhwi, Sagula, Lewa and Bwebwera, all in Muheza District. The fifth is Azimio which is inTanga District. (The citizen 16-1-16)

Jan 16th
* The EastAfrican, the region's authoritative weekly newspaper, is back in circulation in Tanzania after a year out of the market. The ban came days after a cartoon that criticised the country's president Jakaya Kikwete on his fight against corruption and an opinion that criticised Tanzania's stance against UN-backed force to take on the FDRL rebels in the Democratic Republic Congo (DRC). (This is good news and a sign for more press freedom!) (Source)
* The government has removed another three heads of department at Tanzania Ports Authority (TPA) and made immediate appointments to replace them. This was announced in Dar es Salaam yesterday by Minister for Works, Transport and Communication, Professor Makame Mbarawa, said the department heads have been removed because of unsatisfactory performance. (Ipp media 16-1-16)

Link naar ouder nieuws

De persvrijheid als proof of the pudding voor het nieuwe regime in Tanzania

[31 december 2015] (Van GoTanzania's correspondent in Tanzania)

Op 7 November 2015 verkozen de Tanzanianen de relatief onbekende John Pombe Magufuli als nieuwe president. Naar voren geschoven na geruzie over eerder gedoodverfde tegenkanditaten zoals Lowasa, die na zijn verlies binnen de regerende partij overstapte naar de opositie, kwam Magufuli aan de macht en ging hij direct als een paard van Troje of, zo je wilt, een Robin Hood aan de slag. Inmiddels schaart het hele land zich achter het nieuwe bewind, inclusief naar corruptie ruikende voormalige ministers zoals de vorige president Kikwete en zijn vice-premier Pinda en ook Lowasa, die nu de oppositie aanvoert. 

Op het in de pers geroemde democratische gehalte van verkiezingen valt overigens wel wat af te dingen. De regerende partij (CCM) heeft er letterlijk alles aan gedaan om aan de inmiddels 25 jaar durende macht te blijven en een meerderheid te behalen. De waarnemers van de VN waren voornamelijk gericht op het vreedzame verloop van de verkiezingen en niet op zaken als hoe er geteld werd en bijvoorbeeld dat het telbureau van de oppositie vlak voor de verkiezingen was opgerold. Maar dit is in een jonge democratie zoals in Tanzania misschien ook niet zo belangrijk. De diverse partijen hadden immers niet echt een verschillend programma. De oppositie had het bijvoorbeeld vooral over “change”, zonder dat nu echt duidelijk werd wat daarmee bedoeld werd.

Eén van de CCM-leiders, Lowasa, werd kort voor de verkiezingen dus met luid gejuich door de opositie binnengehaald en uiteindelijk voert de nieuwe president van de CCM een programma uit dat met een echte “change”, die voor de oppositie meer dan een natte droom moet zijn en wat ze zeker niet beter hadden kunnen doen, al helemaal niet met de op zijn minst minder integere Lowasa.

Sinds de installatie van de nieuwe president is er een indrukwekkende lijst van maatregelen genomen die het door een inmense corruptie volkomen verlamde bestuur van Tanzania weer werkend lijkt te maken. In een maand tijd werden de belastinginkomsten verdubbeld en werden vele budgetten verschoven naar projecten voor de ontwikkeling van het land in plaats voor de verrijking van de bovenlaag. Ambtenaren en directeuren van de belasting en het anti-corruptiebureau werden ontslagen, belastingontwijking werd getraceerd, emmers vol cash geld werden in huizen van ambtenaren gevonden en in beslag genomen en de miljoenen verslindende “sitting allowances” (toeslagen voor het bijwonen van vergaderingen) en snoepreisjes naar het buitenland werden afgeschaft.

Wat je je goed moet bedenken: Tanzania, als ontwikkelingsland, IS helemaal niet arm! Goud, olie, edelstenen, toerisme, vruchtbare landbouwgrond, werkelijk alles is voorhanden. Tot nu toe was het echter zo, dat vooral een corrupte 5% bovenlaag van de ruim 50 millioen inwoners het land uitverkocht en het geld doorsluisde naar bankrekeningen in Zwitserland en elders. In 2012 bleken alleen al bij de Zwitserse HSBC bank 99 Tanzanianen geregistreerd met een gezamelijk vermogen van 117 miljoen dollar. Onbewezen maar naar alle waarschijnlijkheid en wat nu steeds meer duidelijk wordt, staat/stond de voormalige president Kikwete en zijn familie aan het hoofd van een invloedrijk corruptiesyndicaat. Het totale bedrag dat aan de staat en de overige 47 miljoen inwoners is onttrokken is gigantisch. Het gaat om miljarden harde dollars. Zo slaagde “men” er nog vlak voor de verkiezingen in om maar liefst 120 miljoen dollar van een 500 miljoen dollar grote subsidie van de EU voor rurale electrificatie achterover te drukken. Dat die 120 miljoen verdwenen was, was al voor de verkiezingen bekend, voor de vorm zijn er wat ministers onslagen, maar het geld is nog steeds zoek. Zo zijn er meerdere schandalen bekend, zoals de “gelegaliseerde corruptie” met toeslagen voor het bijwonen van vergaderingen (de zogenaamde ‘sitting allowance’, ca. 7% van het nationale budget!) en de onderhandse aanbestedingen: allemaal uit de ‘algemene middelen’-kas verdwenen geld.

Hoewel de huidige lijst met maatregelen van het nieuwe bewind tegen de corruptie indrukkwekkend en origineel lijkt, is enige scepsis op zijn plaats. Het zal niet de eerste keer zijn, dat bij het aantreden van een nieuw kabinet in een Afrikaans land als Tanzania maatregelen tegen corruptie afgekondigd worden, die echter bij nader inzien niets meer blijken dan een ‘cover up’ om meer hulpgelden binnen te halen en voor het pluche om zich privé op buitenproportionele wijze te verrijken. Zo is het dus naar het zich laat aanzien ook met de voormalige president Kikwete gegaan.

Bedenk aan de andere kant echter ook een situatie als buurland Rwanda. Daar leidt president Kagame weliswaar een theoretisch democratisch gekozen, doch in de praktijk dictatoriaal en repressief regime. Kagame heeft echter in de ogen van een meerderheid een goed hart voor zijn land en heeft Rwanda binnen enkele jaren tot een voor Afrika ongekende welvaart weten op te stuwen, vooral dankzij de bestrijding van de corruptie. Het kan dus wel!

In Rwanda en, zoals het zich nu dus laat aanzien, Tanzania is het niet een politieke partij, belangengroep of “Arabische lente” maar een sterke president die de ommekeer tot stand brengt.

Wat opvalt is dat de maatregelen direct enkele grote bedrijven treffen die in handen zijn van groot-industriëlen. Bijvoorbeeld het AZAM-imperium van Said Salim Bakhresa, dat vrijwel alles op voedselgebied en transport in handen heeft. En ook bedrijven die (deels) eigendom zijn van de zoon van Kikwete. Deze zoon, Ridhiwani, is een pas afgestudeerde advocaat, die na het aantreden van zijn vader als president in korte tijd een inmens zakenimperium wist op te bouwen, wat hem op zijn minst verdacht maakt van malversaties. Andere zakeniconen haasten zich om alsnog wat belasting te betalen of zijn inmiddels naar India gevlucht. (Veel zakenlieden zijn van Indiase afkomst, hun voorvaderen zijn ooit in Tanzania gekomen tijdens de Engelse kolonisatie.)

Ridhiwani is een naam om te onthouden. In tal van schandalen wordt zijn naam rondgefluisterd, bijvoorbeeld nadat hij in China gearesteerd was voor drugshandel en daarna (in plaats van in China de doodstraf te krijgen) volgens geruchten aan het hoofd kwam te staan van een inmense smokkel van ivoor en neushoorns vanuit Tanzania naar China en die er voor heeft gezorgd, dat het olifantenbestand is gedecimeerd en over enkele jaren de olifant in Tanzania uitgestorven zal zijn als het zo door gaat! Door de sterke perscensuur heeft dergelijk nieuws echter nooit de krant gehaald buiten wat algemene ontkenningen over geruchten van de president zelf en een enkele “wiki-leaks” buiten Tanzania, zoals een brief van een in China gevangen Tanzaniaanse drugssmokkelaar. Wat in elk geval waar is, dat is dat er vele olifanten zijn afgeslacht: 60% van de ca. 110.000 olifanten in Tanzania is in de afgelopen corrupte regeringsperiode vermoord om hun slagtanden. De daders zijn nooit gepakt. Er was kennelijk geen sprake van wil om ze te pakken en/of ze konden op bescherming rekenen.

The proof of the pudding is dan ook: gaat de nieuwe regering de vroegere leiders, nu nog leiders van de CCM of parlementslid, ook echt aanpakken? Gaat de regering ze ontmaskeren als de corruptieschurken van de afgelopen jaren?

Tijdens de vorige regering zijn kranten en radiozenders verboden, bedreigingen naar journalisten geuit en er doen zelfs verhalen de ronde van vermoorde journalisten. Dit alles leidend tot een nog steeds grote mate van zelfcensuur onder de reguliere pers. Hier komt nog bij dat door het lage algemene opleidingsniveau en slechte Engels er ook aan de artikelen die wel geschreven worden vaak geen touw vast te knopen is, tot je in een buitenlandse krant iets leest over hetzelfde onderwerp. Overigens zal ook het verdienmodel van de pers zelf moeten veranderen omdat er er nu vooral verhalen geschreven worden waarvoor betaald moet worden en die dus niets met een onafhankelijke vrije berichtgeving te maken hebben. Aldus is de pers ook een instrument geweest van de rijke 5%-minderheid, die geld had om de berichtgeving in het eigen voordeel om te buigen.

In die zin is het ook interessant om te zien dat nu met het internet en steeds meer smartphones (het aantal computers met internetverbinding in privé-handen in Tanzania is minimaal) er een veel bredere toegang is tot alternatieve berichtgeving, hetgeen ook een belangrijke invloed heeft op wat er nu gebeurt. Zo is er het verhaal van de politieman die gefilmd werd bij het onvangen van steekpenningen en die is ontslagen nadat het filmpje via Facebook viraal ging, waarna er nog maar weinig agenten om te kopen zijn. Ook wordt het voor de corrupte bovenlaag steeds moeilijker om mensen voor de gek te houden.

Los van de persvrijheid zal het nog een uitdaging zijn om justitie, op nummer 2 van de corruptielijst, waar volgens geruchten en ervaring 75% van de rechters en advocaten aan allerlei verdachte zaakjes hebben deelgenomen ter verrijking van zichzelf, zover te krijgen, zichzelf om te vormen tot een controleerbaar instituut. Alleen dan, immers, kan er sprake zijn van een rechtsstaat met gelijk recht voor iedereen en een instrument om ook de grote criminelen aan te pakken. Voorheen was alles mogelijk en loonde de misdaad zolang je maar geld had; een situatie die alles en iedereen frustreert omdat niemand meer ergens zeker van kan zijn.

Laten we alvast een voorproefje nemen met enkele verhalen en geruchten die er zoal, voornamelijk buiten de pers om, rondwaren. Deze hoeven niet noodzakelijk waar te zijn, er zijn in Tanzania vele geruchten die primair bedoeld worden om tegenstanders het leven moeilijk te maken maar gewoon verzonnen zijn. Gezien het bovenstaande en feiten die nu door de aanpak van de corruptie bekend worden, krijgen sommige specifieke geruchten ineens samenhang en komen in een ander licht te staan. Vooralsnog valt op dat de perscensuur nog steeds van kracht is. Bij de verhalen over corruptie worden dan wel bedrijven genoemd, doch het vermelden van de namen van de eigenaren en de relatie met het eerder genoemde vermoedelijk bestaande syndicaat worden nog steeds zorgvuldig vermeden. Het vereist kennis uit andere bronnen om een en ander te kunnen plaatsen. Bovendien weet je ook niet altijd zeker of mensen die genoemd worden inderdaad al of niet aandelen in de genoemde bedrijven hebben. Een goede leidraad is het al langer bekende gezegde dat als je wilt weten waarom iets gebeurt in Tanzania je alleen hoeft te kijken hoe de geldstroom verloopt. Je komt dan altijd uit bij een privé-persoon die er persoonlijk belang bij heeft in plaats van een algemeen belang of democratisch genomen besluit.

Om te beginnen is er het Lugumi-imperium dat geleid wordt door Said Hamad Lugumi met sleutel-parters als Ridhiwani Kikwete en de voormalige inspecteur-generaal van de politie en schoonvader van Lugumi, Said Mwema. Dit bedrijf, handelend in ondermeer beveiliging, ICT, drukwerk en (naar geruchten) drugs, heeft naar verluid talloze lucratieve deals met Tanzaniaanse overheidsorganisaties, zoals de politie. In tegenstelling tot andere toeleveranciers krijgt dit bedrijf echter altijd prompt uitbetaald voor haar diensten.

Zo werden er in 2010 belastingmachines (EFD – Electronic Fiscal Device), bij wet verplicht gesteld. Het idee is dat ieder bedrijf met deze machine dagelijks de verkoopcijfers van hun business naar de belasting moet sturen. Het nut van deze machines is zeer twijfelachtig en bezorgt de ondernemers veel werk omdat elk bonnetje ingevoerd moet worden en er boetes uitgedeeld worden, ook als het technisch niet goed werkt. Deze machines worden echter maar door één bedrijf geimporteerd en verkocht en dat bedrijf is dus mede eigendom van Ridhiwani. Met kosten van rond de 1.000 euro per machine (voor alle Tanzaniaanse bedrijven!) via BTW-aftrek betaald door de overheid, moet dat een enorm lucratieve zaak zijn geweest en nog steeds zijn, zeker nadat in 2013 ook alle van BTW vrijgestelde bedrijven deze EFD’s moesten gaan gebruiken en in het stoffige en warme klimaat gaan ze snel stuk natuurlijk.

Hoewel het nog niet hard te maken is dat het Lugumi-sindicaat er achter zit, lijkt ook het scenario geldig, dat zij er in slaagden om voor alle lagere scholen een geheel nieuwe boekenreeks verplicht te stellen, betaald door de overheid, en alle drukkers van andere reeksen, die kwalitatief veel beter zijn, buiten spel te zetten, opgezadeld met onverkoopbare voorraden van de eerdere schoolboeken.

Over de voormalige president Kikwete zelf is maar weinig in relatie tot corruptie bekend, waarschijnlijk heeft hij dit meer gedirigeerd naar zijn familie zodat het minder opvalt. Wel doet een gerucht de ronde dat hij 1 miljoen dollar heeft opgestreken in ruil voor een vergunning voor de bouw van een nieuw duur hotel op de rand van de beroemde Ngorongoro krater. Ook is the interessant om nu te lezen dat, volgens een van de opositie leiders Dr Slaa, Kikwete betrokken is geweest bij het als “ecrow schandaal” bekende akefietje over de aanschaf van een nieuwe electriciteitscentrale waarbij in 2013 ruim $ 200 mijoen down de drain ging en nog steeds “zoek” is. Dat wordt nu dan toch wel gezegt in elk geval.

De (dure) hotelbusiness heeft überhaubt een twijfelachtige reputatie, bijvoorbeeld omdat deze hotels, net als de telecom-maatschappijen, de eerste 2 jaar van hun bestaan belastingvrijstelling genieten en op wonderlijke wijze elke 2 jaar van eigenaar wisselden en zo weer opnieuw belastingvrijstelling verkrijgen. In de beroemde safarigebieden betaal je zo maar 1000 dollar of meer per nacht per gast, dus daar gaat een hoop geld in om. Ook in de telecom-business duikt de naam van Ridhiwani weer op.

Ook heeft Kikwete, al dan niet samen met zoon Ridhiwani, in zijn thuisstad Bagamoyo een enorm conferentiecentrum gebouwd. Bagamoyo is bekend om zijn vergadercentra omdat het net buiten de afstand ligt van Dar es Salaam waar de ambtenaren extra ‘sitting allowances’ (toeslagen) krijgen als ze daar vergaderen. Aldus bleken vele ambtenaren driedubbel te verdienen; eenmaal via hun salaris, eenmaal toeslag voor vergaderen buiten de deur en eenmaal als eigenaar van de vergadercentra. Nu dat vergaderen buiten de deur in de ban is gedaan, is het in elk geval een lelijke streep door Kikwetes (en een onbekend aantal ambtenaren met hem) rekening met zijn plannen om met zo’n conferentiecentrum door te cashen van overheidsgeld na zijn presidentschap.

Dan is er nog het dispuut over een groot gebied naast het national park Serengeti, dat door het Amerikaanse bedrijf Thompson wordt geëxploiteerd voor de jacht op wilde beesten. Hiervoor dreigen telkens weer enorme aantallen Maasai-bewoners van hun land verdreven worden. Bekend is dat een Arabische koninklijke familie daar in de buurt jaarlijks een jachtfestijn organiseert en dan in korte tijd behalve wilde beesten ook miljoenen dollars er doorheen jaagt. Met deze jacht en ook de stroperij is veel geld gemoeid en zonder twijfel worden daarbij met de nodige steekpenningen in vooral “hoge” kringen geschoven.

Wat in elk geval wel waar is, is dat er zo nu en dan voor de bühne mensen in de dorpen naast de parken opgepakt en mishandeld warden, omdat ze zogenaamd verdacht werden van stroperij, maar het moge duidelijk zijn dat dit in het algemeen niet de daders waren die over middelen als helicopters en zwaar geschut en infomatie over politie-activiteiten beschikten en via goede relaties de dans wisten te ontspringen, tot er nu ineens met het nieuwe regime naar het lijkt wel sleutelfiguren worden opgepakt. Als het over deze stroperij en ivoorsmokkel naar China gaat, duikt dus ook steeds de naam van Ridhiwani weer op.

Aldus wachten we in spanning af of de persvrijheid serieus genomen gaat worden, of het corruptienetwerk daarmee verder bloot komt te liggen en of de “grote jongens” echt voor de bijl gaan. Wat bemoedigend is, dat is dat Magufuli zich afzijdig houdt van partijpolitiek en zich aldus enigszins distancieert van mensen als Kikwete, die nog steeds CCM-partijvoorzitter is. Als Magufuli echt zo transparant en integer is als hij doet voorkomen, heeft hij van de pers niets te vrezen. Integendeel, dan zou hij daar een grote steun aan kunnen hebben. Hoewel dit wel eens anders zou kunnen liggen met het drugs-/corruptiesyndicaat, is het goed te weten dat Tanzanianen in het algemeen alles doen om geweld uit de weg te gaan. De angst onder de bevolking voor dit syndicaat neemt af. Doordat geweld uit de weg gegaan wordt, is het voor enkelen mogelijk hele bevolkingsgroepen te terroriseren, zonder daarvoor gestraft te worden. De toestand gedurende de laatste regeringen bewijst dit. Maar ook het omgekeerde is mogelijk, een sterke man als Magufuli kan nu ook doorpakken zonder veel tegenstand te ondervinden.

The American Way - Hollandse twijfel over Amerikaans 'volunteerism'

[2 december 2015]
Op de GoTanzania-website zitten zo’n 200 organisaties in een database: organisaties die vrijwilligerswerk aanbieden in Tanzania. Hiertussen ook zo’n 40 à 50 organisaties die dat vanuit Nederland doen, of die lokale NGO’s betreffen, die met name gefundeerd zijn op een Nederlands initiatief. Maar de rest is dus ofwel een lokaal Tanzaniaans initiatief ofwel geworteld in een anders westers land, veelal geënt op een brede ‘vrijwilligerstoerisme’-basis en niet zelden puur commercieel. Toch is het erg lastig harde uitspraken te doen. In de verantwoordingsinformatie gaan schreeuwend duur en “not for profit” nogal eens samen. Vooral bij Amerikaanse organisaties. Ik licht een drietal organisaties uit ten behoeve van een fascinerend inkijkje.

De founders van het Amerikaanse Amizade gebruiken niet ‘vrijwilligerswerk’ als centraal thema, doch ‘service learning’. Een slim concept, dat ‘halen’ naast ‘brengen’ plaats: “Amizade empowers individuals and communities through worldwide service and learning (….) to create an equitable world where all people can connect freely and forge lasting friendships.”
Amizade, zichzelf duidend als ‘non profit’-organisatie, maakt deze ‘service learning’-drijfveren waar door uitgebreid samen te werken met een aantal universiteiten in de VS, die dit perspectief parallel laten lopen met educatiedoelstellingen. Naast individuele ‘volunteer placements’ zijn er dan ook veel opties voor groepsreizen en ‘faculty-led courses’. Het ziet er allemaal zeer verantwoord uit. Het zogenoemde ‘Fair Trade Learning’-beginsel is leidend: ‘a sector changing ideal pioneered by Amizade’. De baas schrijft artikelen over dit beginsel: Ethical standards for community-engaged international Volunteer tourism’. Een aparte pagina over transparantie toont, dat 85% van de inkomsten rechtstreeks naar de programma’s gaat. De rest gaat naar ‘administration’. Heel redelijk dus.

Maar ga je naar Tanzania om bij een ‘gewoon communityproject’ van Amizade, waarbij je bij een gastgezin woont en met het gezin mee-eet, een bijdrage als vrijwilliger te leveren, dan betaal je voor je eerste twee weken $1620 en voor iedere bijkomende week $440!
Daarover heb ik contact gezocht met de baas van Amizade. Zijn reactie: “My hunch is that some of your confusion may be that you are comparing us to organizations that have very different missions. (…) Our programs have a curriculum, we monitor and evaluate impact for both visitors and hosts, spend a great deal of effort to create (and fundraise) for reciprocity, and the health and safety of all involved. As such, our very small sustainability fee goes towards research and development, improving the international education sector, advancing curriculum, evaluating impact, etc. Costs on the ground are not even managed by our US-based staff. They are all locally determined. Housemothers set their own rates, drivers are paid at going market rates, food is prepared by local chefs, and community organizations receive appropriate honorariums and healthy donations (for some programs this can be many thousands of US dollars).”
Hij ging zelfs nog verder en bracht complimenten naar GoTanzania: ‘hartstikke goed dat je licht in de duisternis brengt in deze volunteerism-sector; wij zijn daar zelf ook zeer bezorgd over!’. Hij vertelt, dat vrijwilligers van Amizade elke week $125 aan directe projectsponsoring betalen en dat de genoemde ‘duurzaamheidstoeslag’ $50 per week betreft: toch niet echt een ‘very small fee’. Op de website zelf trof ik deze informatie niet. Zou het dan zo zijn, dat de extreem hoge kosten voor jou als vrijwilliger echt heel zinvol besteed worden? Verdient Amizade het voordeel van de twijfel?

De website van een ander Amerikaans vrijwilligersuitzendbureau, Cross Cultural Solutions (CCS), toont kleurige achtergrondfoto’s en daarover heen witte chocoladeletters met schreeuwende capitals: “VOLUNTEER ABROAD. CHANGE THEIR WORLD. CHANGE YOURS. THIS CHANGES EVERYTHING”.
Eén van de doorklikopties: “This CCS experience is very affordable. Find out how to…. FUND YOUR TRIP”. Daarna krijg je 7 opties om zelf funding te genereren: laat je baas meebetalen, belastingaftrekbaarheid, zelf fondsen verwerven, neem een vriend mee, frequent flyer programma’s en, tot slot, stel een betalingsprogramma op. De pagina eindigt met “YOU CAN DO IT!”. Op de website wordt CCS een met ‘Peace Corps’-vergelijkbare organisatie genoemd. De Verenigde Naties-beginselen zijn leidend. “As a leader in the field of international volunteering for 20 years, we know that the best approach to international volunteering—the only approach—is one designed by the community. We believe that the local people are the experts. In every community in which we work, we have long-standing relationships with local organizations who communicate real-time needs and objectives to the CCS team. Our in-country team is made up entirely of local nationals and volunteers work alongside local people. This community approach was specifically designed to make sure our programs generate sustainable impact.”
Het gaat allemaal over ‘Making a difference’ bij deze organisatie, met typisch Amerikaans onbescheiden enthousiasme: ‘yes, we can’!!

Klik verder op de site en steeds een andere bijna levensgrote full-colour foto met hoog sentimentaliteitsgehalte vult je scherm, een vrijwilligerslitanie eronder, als “This really changed my life foregood!”. Daarna kun je uitgebreid door de internetbrochure scrollen en passeer je ook de “Home-base”: in Tanzania is dat een prachtige villa, die ook in Hollywood niet zou misstaan. “The CCS Home-Base is your home-away-from-home, a place to relax and reflect right in the local community where you'll engage with your second family of fellow volunteers and our expert CCS in-country staff. The Home-Base is comfortable, with common areas to share experiences, comfortable shared bedrooms, and plenty of space as you're re-charging for your next incredible day of volunteer adventures. We know that your comfort is key to giving all you can as an international volunteer, and the CCS Home-Base is just one of the many unique ways that the CCS experience changes everything.”
Hemel, wat heeft dit nog te maken met een onderdompeling in een andere cultuur? Toch stelt CCS het bestemmingsland, met zijn eigen cultuur, centraal: “We believe that the most successful approach to international volunteering is one that is community-led and driven. That's why our in-country staff is made up entirely of local nationals, who truly understand the needs of their own communities. We work in partnership with sustainable community organizations who are dedicated to creating positive change in communities, and know how to effectively work with international volunteers to meet these goals.”
Maar rijmt dat wel, zo vraag ik mij af.

CCS profileert zich gretig als een aan het Amerikaanse Peace Corps verwante organisatie. Waarin verschilt CCS van Peace Corps: “A CCS program is a great way to experience all that volunteering abroad has to offer for a shorter period of time than the Peace Corps, which requires a two-year commitment.”

Er is ook sprake van een specifiek ander verschil: bij Peace Corps krijg je zelfs een toelage op de kosten die je maakt en committeer je je aan twee jaren vrijwilligerswerk. Bij CCS mag je je portemonnee trekken: onderaan de scroll-brochure kun je simpelweg invullen, hoe lang je weg wilt, waarna letterlijk het dollarmetertje gaat lopen: 1 week - $2687, 4 weken - $4646, 12 weken - $9773!! Je gelooft je ogen niet! Is dit een grap?
Nee, het is een Amerikaanse non profit organisatie, die zelfs mooie sier maakt met een zopas verdiende ‘award’: "GreatNonprofits recently awarded Cross-Cultural Solutions its top-rated award for the third year in a row! GreatNonprofits bases its voting system entirely on ratings and reviews submitted by volunteers. The organization prides itself on its mission to inspire and inform donors and volunteers, enable nonprofits to show their impact, and promote greater feedback and transparency."

K2 Adventure Travel neemt – haar naam zegt het al – een ander beginpunt: avontuur! Er wordt wel een flinke ‘derde wereld’- en ‘making a difference’-saus overheen gegooid. De ‘business’ van K2 zit wél in het vrijwilligerswerk. In Tanzania ondersteunt K2 een school voor blinde kinderen. “More than 600 students, ages 5 through 17, attend the Mwereni integrated School for the Blind, including 80 blind and albino children who were orphaned or abandoned at birth. When K2 Adventure Travel first visited in 2009, many of the students were suffering from lack of medical and dental care, typical hygiene and basic necessities. Since that first trip, K2 Adventure Travel clients have provided the students with Braille Writers, magnifiers, canes, walkers, a computer lab with 30 new computers, and provided all of the orphans with new mattresses, blankets, pillows, sheets, mosquito nets, shoes and stuffed animals.
Het vrijwilligerswerk lijkt zo een faciliterend bijproduct voor de ondersteuning van een lokaal project. Zo kun je ook naar ‘voluntourism’ kijken. De grote foto op deze Tanzania-pagina toont de brug tussen noord en zuid met twee lachende gezichten; een Afrikaans kind en een Amerikaanse vrijwilliger tonen beide hun handicap: een halve arm.
Ook hier is het de informatie over de kosten, die veel ruimte voor verwondering laat: bestaat je hele reis uit 8 dagen ‘community service’ en een 1-daagse safari, dan betaal je $2450; doe je 4 dagen service en een 5-daagse safari, dan betaal je $4950. Deze kosten natuurlijk nog allemaal exclusief vluchten, visa, verzekeringen etc. 

Verwondering, verwondering. Ik begrijp maar weinig van de relatie tussen product en kosten. Het biedt me wel een ander perspectief op de vanuit Nederland opererende vrijwilligersuitzendcentrales: zelfs de allerduurste is nog meer dan tweemaal goedkoper!
Maar je kunt er misschien ook anders naar kijken. Deze organisaties zoeken een ander marktsegment dan de organisaties (ook in de VS aanwezig), die zich vooral fixeren op de ‘gratis arbeid’ van een vrijwilliger en daarnaast kosten baseren op de lokale situatie betreffende ‘lodging and food’ (ergens tussen de 100 en 200 dollar per week). Vaak lijken déze organisaties onvoldoende te kijken naar de kwaliteit van de vrijwilligersinzet gebruikende ontwikkelingsprojecten. Je zou ook kunnen redeneren, dat het redelijk is uit volle portemonnees de hoofdprijs te trekken, als je daarmee goeie projecten op de beste wijze ondersteunt; als vrijwilligersgelden ook écht naar de projecten gaan:
* Amizade: als rijkeluiskinderen, studerend aan dure universiteiten, deze kosten kunnen dragen, dan kan sprake zijn van een mooie maatschappelijke herverdeling van investeringsgeld.
Cross Cultural Solutions: misschien werken er talloze locals in de luxe ‘home-bases’ in 10 verschillende bestemmingslanden en zorgt CCS voor veel werkgelegenheid aldaar.
K2 Adventure Travel: er is vast grote behoefte aan onderwijsmogelijkheden voor blinden. In Tanzania zou wel eens deze hele school voor blinden op K2 Adventure Travel-funding kunnen draaien.

Ik ben geen Amerikaan, doch een sceptische Hollander die er op voorhand niet op vertrouwt, dat de Amerikaanse organisaties zo ‘not for profit’ zijn als ze claimen. Maar ja, als de ene hand de andere wast…. ?!

Niko Winkel, 2 december 2015

Volunteer Correct en GoTanzania -onderzoek: de bekendste Nederlandse vrijwilligersuitzendcentrales vergeleken

Volunteer Correct en GoTanzania hebben onderzoek gedaan naar achtergrond en kenmerken van een zestal belangrijke vrijwilligersuitzendorganisaties, vooral mikkend op vrijwilligerswerk in ontwikkelingslanden. Het onderzoek heeft zich volledig gericht op de informatie die de organisaties via hun websites ontsluiten. Bij het onderzoek zijn de volgende organisaties betrokken: Projects Abroad, Travel Active, Activity International, SIW, Be More en Doingoood. 
De organisaties zijn op 10 thema’s middels een vijfpuntsschaal-score per thema met elkaar vergeleken. De eindscore betreft een relatieve score, dus de haalbare maximumscore is 100%.

Het onderzoek wijst uit dat drie van de zes organisaties op een vergelijkbare score uitkomen. Doingoood en Be More scoren hierbij iets hoger dan SIW (resp. 70,5%, 72,5% en 66%), doch hierbij dient in acht te worden genomen, dat SIW als organisatie zelf ook uit louter vrijwilligers bestaat. De organisaties Travel Active en Activity International scoren alles bij elkaar genomen enigszins lager: resp. 57,5% en 53%. Projects Abroad eindigt als laatste met een score van slechts 33%.

In dit onderzoeksrapport worden per thema de resultaten nader toegelicht in afzonderlijke hoofdstukken. De overall-resultaten van dit onderzoek worden gepresenteerd in het hoofdstuk ‘Conclusies’. Het gehele onderzoeksrapport is online beschikbaar.

"Keurmerk voor vrijwilligerswerk: oplossing of wassen neus?"

[6 oktober 2015]
Vrijwilligerswerk heeft een imagoprobleem. Het betaald werken op exotische bestemmingen wordt vaak weggezet als pure verspilling, waarbij onnuttig werk wordt verricht door naïeve jongelui. Vrijwilligersorganisaties bestrijden dit beeld te vuur en te zwaard, maar hebben moeite hun geloofwaardigheid te herwinnen. De toekomstige vrijwilliger weet ondertussen niet waar hij terecht kan voor verantwoorde projecten. Is het niet hoog tijd voor een vrijwilligerskeurmerk? Reinier Vriend van Volunteer Correct zocht het uit.

Max Havelaar is een voorbeeld van een succeskeurmerk. Je ontwaart een probleem (onderbetaalde boeren) en verzint een oplossing (een minimumprijs). Wie aan de voorwaarden voldoet, mag het beeldmerk dragen. Consumenten kunnen dan deze kennis laten meewegen in hun aankoopbeslissingen en daarmee merken belonen voor hun verantwoorde inkoopbeleid. Nu is de vrijwilligersindustrie berucht om haar onduidelijkheid. Een veelgehoorde klacht van potentiële vrijwilligers is dat het praktisch onmogelijk is organisaties met elkaar te vergelijken. Kan een keurmerk uitkomst bieden?

Lees het artikel van Reinier Vriend (Volunteer Correct) in zijn geheel op de website van One World. 

Werken met kinderen: de achilleshiel van georganiseerd vrijwilligerswerk

[8 september 2015 - geschreven voor Volunteer Correct
“Vertel eens. Hoeveel keer heb je niet al op Facebook ingelogd en bij je nieuwe berichten van die fotootjes aangetroffen, waarop je een van je vrienden ziet met een onbevangen vrijwilligersglimlach, met de armen om een groezelig uitziend kindje uit een onbekend Afrikaans land? Eén keer? Twee keer? Te vaak om op te noemen?”

Met deze zinnen begint het artikel “Volunteering abroad: a game with double standards” van Ruth Taylor, dat een jaar geleden werd gepubliceerd op het blog van Kickstart Ghana en dat op de erg aanbevelenswaardige Facebook-community ‘Better Volunteering’ deze week nog eens extra werd uitgelicht.

Juist vanuit ons perspectief, gericht op verantwoording en transparantie van georganiseerd vrijwilligerswerk in het buitenland, is het noodzakelijk dat we weten waar we het over hebben. Dat we weten wat onze positie is en we stelling kunnen nemen. We moeten immers oordelen. Oordelen over de feiten, over de praktijken en over de meningen, daar komen we niet onderuit. Maar oei, wat is het moeilijk! En wat lees je niet allemaal voor stoere taal in de publieke discussie over ‘voluntourism’, over de weeshuizen waar de kinderen geen wees zijn, over de hechtingsproblematiek van de kinderen, over het gebrek aan volwassenheid en vaardigheden van de vrijwilligers.

Dus is het geweldig om een artikel te lezen, waarin heel genuanceerd op de hele ‘werken met kinderen’-problematiek wordt ingegaan. De drie artikelen die Ruth Taylor op het blog van Kickstart Ghana heeft geschreven zijn alle drie goed en belangrijk om te lezen voor iedereen, die zich bezighoudt met kinderen en vrijwilligerswerk. Ruth was in 2014 in Ghana coördinator van het vrijwilligerswerk van Kickstart Ghana en werkt in Engeland bij Impact International, een organisatie die zich bezighoudt met het bevorderen van duurzaam en verantwoord vrijwilligerswerk en het kritisch beschouwen van de praktijk.

Ze eindigt het genoemde artikel met het uiteenzetten van 5 aandachtspunten, die van belang zijn voor iedere aanstaande vrijwilliger bij het beoordelen van een project met kinderen:

1. Bedenk je vooraf, wat je eigen kracht is, wat je kunt brengen met je werk. Bedenk je: goede bedoelingen zijn niet genoeg.

2. Beoordeel de organisatie waarmee je mogelijk erop uit trekt kritisch. Verantwoorden ze online een eigen opstelling jegens de valkuilen bij het werken met kinderen? Kijken ze alleen naar het geluk van de vrijwilliger of ook naar die van het kind?

3. Leg de focus op de impact van je werk op de kinderen in kwestie en niet op de impact voor jezelf.

4. Kijk ook naar de omgedraaide situatie: stel je voor dat je dit werk gewoon thuis in Nederland zou doen. Denk je dat je dan niet de ruimte zou krijgen om dit werk te doen, doe het dan ook in de derde wereld niet.

5. Beoordeel je project kritisch ook als je er al aan het werk bent. En doe er wat mee of zeg er wat van, als je vindt dat het niet OK is.

Ruth benoemt in het artikel nog een ander zeer handzaam criterium bij de beoordeling vooraf van de organisatie die je een aanbod doet: als je binnen 90 seconden online in kunt tekenen op een project waarbij je met kinderen gaat werken, dan weet je zeker dat ze onvoldoende aandacht hebben geschonken aan welke beoordeling van jou, als a.s. vrijwilliger, dan ook. Dan weet je: ze zijn niet geïnteresseerd in je motivatie, je vaardigheden, je achtergrond, je ambitie, etc. Dan zijn ze waarschijnlijk alleen maar geïnteresseerd in jouw financiële bijdrage aan hun eigen onderneming. Wegwezen dus.

Nogmaals: lees de verhalen van Ruth Taylor!

Maar er zitten ook adders onder het gras. Want wanneer je je rekenschap geeft van enige bijkomende kenmerken van de ‘voluntourism’-markt, dan wordt het een stuk lastiger. Zo durf ik de veronderstelling aan, dat 80% van alle vrijwilligerswerk gaat over werken met kinderen en dat tevens zo’n 80% van de vrijwilligers, om het maar heel bot te stellen, zich laat kenmerken door de combinatie van 3 eigenschappen: jong, naïef en ongeschoold. Juist dat is de reden, dat ‘werken met kinderen’ zo populair is. Helemaal wanneer ik er gemakshalve even een vierde kenmerk aan toevoeg: ook 80% is vrouw. Of, wederom wat bot uitgedrukt: 80% is meisje. Conclusie: de hele vrijwilligerwerkmarkt dondert in elkaar als deze producent/consument- of vraag/aanbod-combi onderuit gaat.

Goed, als ik doorredeneer, dan komt er maar één slotsom uit: niks mis mee als dit onderuit gaat. Zo komen we van een flinke misstand af. Ik zou graag zien, dat Ruth’s 90 seconden-test lijdend zou worden voor alle a.s. vrijwilligers. Toch zitten er naar mijn idee gevoelige kanten aan deze ‘hardliner’-redenatie. Daar wil ik een paar specifieke thema’s over uitlichten.

Ten eerste de ‘vergelijking andersom’: stel je voor dat iemand uit Ghana zonder diploma in Nederland zomaar met kinderen in een kleuterschool zou gaan werken, dat zou niemand toestaan. Ik vind het enigszins populistisch en opportunistisch om deze vergelijking te gebruiken. Immers, in de meeste gevallen zal gelden, dat de basissituatie op zo’n kleuterschool in Ghana ook totaal verschilt van die in Nederland. Die verschillen worden niet meegenomen bij de beoordeling. Om even in een praktijkgeval naar de andere kant door te slaan: als de aanwezigheid van een jonge, ongeschoolde vrijwilliger in een rol als bijvoorbeeld bijlesondersteuner of sport&spel-hulp, met haar aanwezigheid kan voorkomen, dat de lokale leraar de kinderen slaat, dan trekt het al een aardige wissel.
Ik hanteer zelf ook nog wel eens de hypothetische stelling: stel dat je als criterium neemt, dat het ‘effect’ van het vrijwilligerswerk in de praktijk op ‘nul’ uitkomt (evenveel schade als nut), dan houden we nog wel de restwinst over: vrijwilligers die terugkomen in ‘het rijke westen’ met een verrijkte blik op de wereld. Wellicht een meer verrijkte blik dan het geval zou zijn geweest met een backpackreis of een nachtbraakverblijf in Salou, Blanes of Renesse.

Ten tweede durf ik de veronderstelling aan, dat met de juiste begeleiding jonge, ongeschoolde vrijwilligers werkend met kinderen wel degelijk een goede bijdrage kunnen leveren, afhankelijk van de specifieke kenmerken van de organisatie en de projecten. Tevens durf ik de veronderstelling aan, dat de hechtingsproblematiek vaak in de maatschappelijke discussie op ten onrechte verabsoluteerd wordt. Als de vrijwilligers de énigen zijn, met wie de kinderen te maken hebben, dan gaat de vlieger op, maar dat is meestal helemaal niet het geval. Vaak zijn de vrijwilligers slechts een aanvulling op de tevens aanwezige lokale begeleiding. Het is zelfs beter om tegendraads te adviseren: committeer je zo kort mogelijk aan een project om zodoende hechtingsproblematiek te voorkomen.

Hier wordt ook duidelijk, waar de achilleshiel zit: bij de grote vrijwilligersuitzendbureaus. Deze organisaties sturen duizenden jonge, ongeschoolde vrijwilligers naar kinderprojecten. Dat zijn de organisaties, waar je je binnen 90 seconden op een kinderproject kunt laten inschrijven. Daarnaast zijn er echter tal van praktisch en ethisch heel verantwoorde kinder- en schoolprojecten in Azië, Zuid-Amerika en Afrika, waar vrijwilligers zich zinvol kunnen inzetten. Dat ervaar ik zelf bij mijn reizen door Tanzania, waar ik deze kleine organisaties bezoek. (Zie onderaan voor enige prachtige voorbeelden in Tanzania).
Je ziet het ook op de website van Kickstart Ghana. De mogelijkheden voor vrijwilligers worden eerst voorzien van een beschrijving van de ‘requirements’, doch een degelijke persoonlijke screening kan inzet voor iedere goed gemotiveerde vrijwilliger mogelijk maken. “Past teaching experience would be an advantage but is not compulsory” en bij een sportbegeleidingsproject: ‘volunteers not holding a qualification but with extensive previous coaching experience will also be considered”. Je moet wel ‘references’ overleggen.

En zo geldt in een genuanceerde overweging, dat de soep niet zo heet moet worden gegeten als dat-ie in de online debatten, zoals bijvoorbeeld bij de website ‘Orphanages.No’, wordt opgediend. Ik ben er dan ook geen voorstander van om bij wijze van uiterste preventie, om elk leed te voorkomen, alle ‘ongeschoold vrijwilligerswerk met kinderen’ te verbieden. Dan gaat het kind met het badwater mee door het putje.
Transparante, kleinschalige, particuliere initiatieven bieden veel ruimte voor goede screening en verwachtingenmanagement vooraf en degelijke begeleiding tijdens en evaluatie achteraf.

Niko Winkel, 21 augustus 2015

Websites:

Volunteering Abroad with Children: a game of double standards? – Ruth Taylor
• De andere twee artikelen van Ruth Taylor:
o Introducing Ruth Taylor, Kickstart’s 2014 Volunteer Coordinator 
o International Volunteering: a shift in thinking 
Kickstart Ghana – volunteering opportunities 
Better Volunteering 
Orphanages – not the solution 
Impact International 
• Voorbeelden in Tanzania van organisaties die op verantwoorde wijze kinderprojecten runnen met inzet van vrijwilligers: The Olive Branch for ChildrenDINKASarakasi ya Vijana, Cornel Ngaleku Children Centre

Reinier Vriend: 'De schimmige financiën van vrijwilligerswerk'

Vraag een vrijwilligersorganisatie om een overzicht van hun financiën, en je krijgt gemompel of misinformatie. Reinier Vriend van stichting Volunteer Correct duikt in de schimmige wereld van projectdonaties en winstmarges en vraagt: wie durft er open kaart te spelen?
Lees de gehele column op de website van OneWorld.

Vrijwilligerswerk in de media: dit zijn de kritieken

[12 april 2015]
Vrijwilligerswerk krijgt het er in de media stevig van langs, maar wat is er eigenlijk allemaal mis? Reinier Vriend van Volunteer Correct zet vijf veelgehoorde kritieken op een rijtje.
Nadat KRO, NOS en RTL op de sensationele manier die televisie eigen is problemen in de vrijwilligersindustrie signaleerden, buitelen nu ook de dagbladen als Trouw, NRC-Next en de Volkskrant over elkaar heen om de vrijwilligersboot maar niet te missen. Het meest recente voorbeeld daarvan was VK's paasspecial over vrijwilligerswerk in Afrika.
Lees het hele artikel op de website van OneWorld. 

Vrijwilligerswerk in de Volkskrant: gemiste kansen en de “beter dan niets”-val

[7 april 2015]
Zaterdag 4 april wijdde de Volkskrant artikelen in krant, magazine en website aan vrijwilligerswerk. Gloednieuw Volunteer Correct-bestuurslid en grondlegger van Gotanzania.org Niko Winkel zag in het onderzoek vooral gemiste kansen. Dat de Volkskrant zich qua kritische journalistiek niet kan en wil meten met Tegenlicht, Zembla of de Groene, dat is bekend. Dat de Volkskrant een schot voor open doel mist om een heikel thema met nét even meer diepgang te benaderen, opdat er wellicht een Kamervraag over gesteld zou kunnen worden, dat is ontzettend jammer. De Volkskrant was er dichtbij met haar artikelen over de vrijwilligerswerkindustrie in zowel de krant als het magazine, zaterdag 4 april 2015 – zelfs het onderliggende onderzoeksrapport was beschikbaar gemaakt. Het journalistieke product blijft echter hangen op ‘dat goede bedoelingen niet altijd het gewenste product opleveren’ en lijkt finaal zelfs de “het is beter dan niks”-schaamlaplegitimatie te onderschrijven. Doodzonde, want het vrijwilligerstoerisme vliegt uit de bocht, als er niet hard gewerkt wordt aan (kosten)transparantie, kaders, richtlijnen en controle.

Volkskrant-journalist Noël van Bemmel reisde in Afrika langs projecten met veelal jonge vrijwilligers. Ze zingen liedjes met kinderen, ze doen dansjes met kinderen, ze wandelen met jonge leeuwen, ze tellen neushoorn, ze helpen docenten op scholen (maar, help, de docent zelf is ziek of dronken en hup, ze staan zomaar zélf voor de klas), ze bouwen mee aan schooltjes. En veel spelen met kleine kinderen in weeshuizen. Zelfs als het onschuldig lijkt ziet ook van Bemmel wel dat er vaak ‘iets niet klopt’. De ontvangers van dit vrijwilligerswerk putten zich echter uit in waardering. Ze hebben immers een ‘zak met geld’ (= vrijwilliger uit de 1e wereld) op bezoek . (“We zaten laatst weer in het donker en toen betaalde een vrijwilligster spontaan de energierekening!”) Kun je stellen dat ‘het is beter dan niks’ een afdoende legitimatie is, wanneer de schadelijke en de positieve effecten van de inzet van een vrijwilliger zich tegen elkaar laten wegstrepen? Een hachelijke zaak.

De slager en zijn eigen vlees
De Volkskrant heeft onderzoek laten doen. Een studente van de Universiteit van Wageningen heeft aan de hand van een 16-tal richtlijnen, geformuleerd als stellingen, een inventarisatie gedaan bij de instellingen en bedrijven die vanuit Nederland vrijwilligerswerk in ontwikkelingslanden aanbieden. Het gaat om stellingen als ‘de behoefte van de lokale bevolking staat centraal’, ‘de projecten hebben een blijvend effect’, ‘er wordt niet aan armoede-marketing gedaan’ en ‘de vrijwilligers worden zorgvuldig geselecteerd’. Op alle stellingen volgen min of meer dezelfde conclusies: de branche onderschrijft de stellingen en integreert deze in haar werk. Maar ja, elke slager vindt zijn eigen vlees prima natuurlijk. Daar kwam de onderzoekster geleidelijk ook achter: wat kun je nu met deze resultaten? Meestal leggen de organisaties de verantwoordelijkheid bij de lokale partnerorganisaties, dus op 10.000 tot 20.000 kilometer afstand. Organisaties hebben plannen, reglementen, klachtenprocedures en evaluatiemethodieken opgesteld, zo blijkt uit het onderzoek. Maar wat doen ze met deze plannen en reglementen? Dáár begint onderzoek, zou je denken. Lange samenwerkingsverbanden met lokale partners zijn nog niet opgebouwd: dit is een groeimarkt en zoveel historie hebben de organisaties vaak nog niet. Het ‘framing’-effect van de foto’s van blonde vrijwilligers met een grote groep jonge Afrikaanse kindjes lijkt mij armoede-marketing in optima forma. Alle organisaties met zulke foto’s op de website houden zich echter, naar eigen zeggen, verre van armoede-marketing. Organisaties putten zich uit in het formuleren van beleid op zorgvuldige selectie van vrijwilligers. Ook hier wordt echter onderkend, hoe twijfelachtig de betrouwbaarheid van deze bevindingen is. En zo komt dit onderzoek uit bij de te verwachten eindconclusie: er is meer onderzoek nodig.

Het komt mij voor, dat je de intentie kunt betwijfelen, als er niet naar deze intentie gehandeld wordt
Ja, natuurlijk blijft meer onderzoek nodig. Maar dat onderzoek is niet nodig om te onderbouwen, dat de wildgroeimarkt van het georganiseerd vrijwilligerswerk dringend verlegen zit om richtlijnen, keurmerken en beter zicht op de wérkelijke bedoelingen van de marktpartijen. Van Bemmel wijdt één zinnetje aan het initiatief van IFO|Fairtravelers om een keurmerk te realiseren. Waarom gaat hij dáár niet dieper op in?

In het conclusiehoofdstuk van het onderzoeksrapport staat, dat “de algemene conclusie luidt dat de Nederlandse aanbieders van vrijwilligerstoerisme goede intenties hebben, maar vaak niet naar deze goede intenties handelen, omdat zij geen degelijk beleid hanteren om negatieve voetafdrukken op de bestemmingen te vermijden.” Het komt mij voor, dat je de intentie kunt betwijfelen, als er niet naar deze intentie gehandeld wordt. Het niet-hanteren van beleid om deze voetafdrukken te vermijden kan goed samenhangen met ándere ‘intenties’ van het bedrijf of de organisatie. Zo’n andere intentie is: er moet geld verdiend worden. De branche staat onwillig tegenover regulering, zo concludeert de onderzoekster zelf ook. Logisch, want deze belemmert de eigen ruimte voor het optimaliseren van het resultaat.

Baby’s en badwater
De Volkskrant is gedoken in een groeimarkt, die goeddeels aanbodgebaseerd is. Het vrijwilligerswerk in Zambia is voor 95% te vinden in de buurt van de Victoria-watervallen, waar heel veel ‘fun’ is te beleven voor avontuurlijke westerse jongeren. De wereld van het vrijwilligerswerk is een in het westen gecreëerde wereld. Een wereld met een verdienmodel. Het schooltje aan de andere kant van Zambia zou érg graag ook eens een vrijwilliger ontvangen om de docenten te ondersteunen. Maar daar komt niemand.

Houd mij ten goede: je moet kindjes niet met het badwater weggooien. “Het is beter dan niks” kán soms, misschien, een houdbare legitimatie zijn. Maar ik zou ‘m nooit voor mijn rekening durven nemen. Vooralsnog is het wel juist de vrijwilligersmarkt zélf die floreert bij het schier oncontroleerbaar zijn van de kwaliteit en de effecten van de vrijwilligerswerkprojecten in het algemeen. De Volkskrant heeft zelf een kleinschalig beschrijvend, inventariserend onderzoek laten uitvoeren en beveelt vervolgonderzoek aan. Zou de Volkskrant zich nu ook durven wagen aan écht kritische onderzoeksjournalistiek? Dat zou geweldig zijn!

Niko Winkel 

TED Talk Daniela Papi: 'What's wrong with volunteer travel?'

[20 maart 2015]
Daniela Papi leefde zes jaar in Cambodja waar ze PEPY oprichtte, een organisatie om jongeren op te leiden en meer 'fit for society'  te maken. Ook startte ze PEPY Tours, een organisatie om "voluntourism" te promoten. Ze heeft veel geleerd in deze jaren: Vrijwilligerswerk doet vaak meer kwaad dan goed. In deze TED Talk legt ze uit, hoe vrijwilligerswerk moet worden omgebouwd naar 'service learning'. [NB: dit filmpje is uit 2012]

One World-magazine werpt zich op vrijwilligers: 'Witte redders?'

[4 maart 2015] 
Het maart-nummer van One World snijdt het morele dilemma van het vrijwilligerstoerisme (‘voluntourism’) aan met een thematische verdieping over 14 pagina’s. Een voormalig vrijwilligster neemt het op voor ‘naïef idealisme’: “Dat is precies waarom je wél vrijwilligerswerk moet doen. Om je te verbazen, om teleurgesteld te worden. Om later de lachen om je eigen naïviteit.” Duidelijk: het gaat minder om de doelgroep dan om je eigen ontwikkeling. Daarnaast werpen grafieken een blik op de vrijwilliger als ramptoerist. En ‘going native’, zo leert een artikel over vrijwilligers in Oeganda, dat doe je als jonge vrijwilligster door met een stoere Oegandees het bed te delen. Het levert bij elkaar een twijfelachtig beeld op van de wereld van internationaal vrijwilligerswerk. 

Lees dit door GoTanzania-redacteur geschreven artikel verder op de website van Volunteer Correct.

"Vrijwillig belazerd" - een praktijkvoorbeeld

[19 januari 2015]
In Trouw van zaterdag 17 januari stond een zeer uitgebreid artikel over de ervaring van een vrijwilliger in Birma. Ze heeft daar een paar maanden gewerkt op een school. "Het klinkt idyllisch, vrijwilligerswerk in een ontwikkelingsland. En prima dat je ervoor moet betalen; het komt immers goed terecht. Tot je het gevoel krijgt dat je in de val van de vrijwilligersindustrie bent gelopen."

Ze beschrijft haar ervaringen nauwgezet. En, jawel, je valt van je stoel van verontwaardiging. Het project klopt niet, de organisatie klopt niet, de begeleiding klopt niet. En er is niet of nauwelijks sprake van wat voor verantwoording dan ook. 

In het artikel wordt gelukkig nog wel vermeld, dat het niet de bedoeling is om alle vrijwilligerswerk maar aan de schandpaal te nagelen. "Ik denk nog steeds dat je nuttig werk kunt verrichten in een ontwikkelingsland. Maar je moet wel uitkijken met wie je in zee gaat. Soms denk ik: waarom ben ik geen vrijwilligerswerk gaan doen in een achterstandsbuurt in mijn eigen stad?"

Het artikel, met als titel 'Vrijwillig belazerd', is te bestellen op de website van Trouw. En je kunt het ook voor een prikkie aanschaffen via Blendle

 

'Africa doesn't need a saviour, America needs a saviour!'

[9 januari 2015]
Dit zijn de laatste woorden van Boniface Mwangi in de korte documentaire die je nu op internet kunt zien. Deze Keniaan was op uitnodiging van een universiteit in de VS op bezoek aldaar en onderhield zich met Amerikaanse studenten over het nut van vrijwilligerswerk. Hij liet ze weten, zelf niet zo heel positief te zijn over Amerika: 'Misschien is het wel heel nobel, wat jullie allemaal willen doen in Afrika, misschien bedoelen jullie het wel goed. Maar je kunt toch echt beter thuis jullie eigen mensen helpen."
Bekijk de documentaire en lees het bijgaand artikel op de website van New York Times

Daily Nation: 'Wie zijn de échte vijanden van Afrika?'

[22 december 2014]
In het Keniaanse dagblad ‘Daily Nation’ stond gisteren een redactioneel artikel, waarin ’s werelds meest vermaarde (en ook regelmatig verguisde) ‘Afrika-weldoener’ Bob Geldof scherp werd aangevallen. Er is weer een nieuwe versie van het befaamde kerstmislied ‘Do they know it’s Christmas time’ uitgekomen, met ook veel van de popmuzikanten van 30 jaar geleden. Best een beetje een sneu gezicht, vind ik zelf: die ouwe popsterren. 
Er wordt weer veel geld opgehaald en ze zullen er vast weer alles aan doen, om dat geld op de juiste plek te laten komen. Al hoor je daar verder zelden iets over en vraag ik me ook af, of die popsterren daar verder wel zo geïnteresseerd in zijn. Ben je nu een onverbeterlijke cynicus, als je de bedoelingen achter deze acties veroordeelt, zoals schrijfster Rasna Warah doet? Zij stelt onomwonden: houd op met deze flauwekul en stop de westerse centen in jullie eigen problemen met drugsverslaving, racisme en werkeloosheid; houd op met die neokolonialisme! 
Exemplarisch is natuurlijk al de titel van de song: de Afrikanen zijn in het algemeen véél religieuzer dan bijvoorbeeld de Europeanen. Wat ze eventueel niét van 'Christmas time' weten, dat is dat het bij ons gebruikelijk is, je dan vol te stoppen met veel te veel eten. 
 
Maar ja, in hoeverre is dit weer het weggooien van het kindje met het (veel te vuile) badwater. Dat kun je dan weer lezen in de reactie onder het artikel. Lees het op de website van Daily Nation. Lees het artikel (en de reactie) op de website van Daily Nation.
 

OneWorld Opinie: "De vrijwilliger verdient geen schandpaal"

[3 december 2014]
Wie durft het nog? Een Facebookprofielfoto plaatsen van jezelf met vlechtjes en/of rastaketting en een donker kindje op de arm. Tot voor kort kon je in zo’n pose onbeschaamd je innerlijke Madonna, Angelina Jolie of Matt Damon of een willekeurige andere charity-celebrity tonen. Tegenwoordig heb je wat uit te leggen. Je hebt twee jaar gespaard en drie maanden onbetaald verlof genomen om Engelse les te geven aan weeskinderen in Peru. In plaats van likes sturen je vrienden je een satirisch artikel [over de kwade gevolgen van vrijwilligerswerk]. 
Lees het hele opinieartikel op OneWorld online

ViceVersa-Opinie: is kritiek op vrijwilligerswerk in ontwikkelingslanden terecht?

[25 november 2014]
We moeten eens goed nadenken over het nut van vrijwilligerswerk in ontwikkelingslanden, was de boodschap in de Nieuwsuur-reportage van zondag 19 oktober. Later kopte Trouw: ‘Er is zeker wat mis met de westerse vrijwilligers’ en nrc.next: ‘Vrijwilligerswerk is een industrie geworden. Voluntourism, noemen we dat’. Dit was voor Vice Versa-redacteuren Caroline van Slobbe en Iris Visser aanleiding om over hun ervaringen met vrijwilligerswerk te vertellen. (Lees verder op ViceVersa)

GoTanzania onderzoek: uitzendbureaus veel duurder

[12 november 2014]
GoTanzania heeft meer dan 150 organisaties verzameld, die alle vrijwilligerswerk aanbieden in Tanzania. Deze aanbieders variëren van mini-NGO's, initiatieven van een particulier in Tanzania, tot grote internationaal opererende reisbureaus. GoTanzania heeft een typologie van deze aanbiedende organisaties gecreëerd. Ten eerste zijn er de organisaties, die zélf het werk op hun eigen locatie aanbieden (scholen, kindertehuizen, ziekenhuizen etc.). Daarna zijn er de organisaties, die lokaal vrijwilligerswerk in projectsetting aanbieden.

Eén niveau verder zijn er bemiddelingsorganisaties, met soms ook eigen projecten, maar met globale informatie op internet. Tot slot zijn er de grote internationale "vrijwilligerswerk-uitzendbureaus".
Zo is er een schaalmodel gecreëerd, van klein- naar grootschalig, van 'zo dicht mogelijk bij de oorsprong' tot 'een supermarkt van vrijwilligerswerk'. In de praktijk lopen veel andere schalen hiermee parallel. Zoals van individueel naar collectief, van authentiek tot geconstrueerd, van sober naar avontuur-gericht, maar dan zonder dat deze avontuur-kosten zijn ingecalculeerd. Juist dit laatstgenoemde aspect is het meest van toepassing op deze schaalverdeling: van goedkoop naar duur. 

Het vergelijkend perspectief toont aan, dat deze laatste groepen, die door veruit de meeste vrijwilligers worden gebruikt, significant duurder zijn dan de andere groepen. Onderstaande grafiek laat de resultaten van het door GoTanzania zelf uitgevoerde onderzoek aan.  

Het onderzoek wijst uit, dat wanneer je een vrijwilligersreis van 2 maanden maakt en je arrangeert deze reis rechtstreeks met de organisatie, waar je je werk ook gaat doen, je rekening moet houden met ongeveer €1000.
Indien je een vrijwilligersproject aangaat bij één van de grote internationale vrijwilligers-uitzendbureaus, dan lopen de kosten al gauw op tot €2400. 
Let wel: het gaat in beide gevallen alleen om kost en inwoning. 

Soms is er sprake van een 'financiële bijdrage' aan het project in kwestie, maar die mag nooit inhouden, dat het doen van vrijwilligerswerk significant duurder wordt. 

De conclusie is: grote uitzendbureau brengen veel meer kosten in rekening. Kosten, die je als vrijwilliger niét of nauwelijks terugziet in de geleverde diensten. 
(Wordt vervolgd)

NRC Next: "Vrijwilligerswerk is een industrie geworden"

[31 oktober 2014]
"Vrijwilligerswerk is een industrie geworden. Voluntourism, heet dat. De Afrikaanse stad Moshi telt 18 weeshuizen. Niet voor de wezen: zoveel zijn er niet. Maar omdat de honderden vrijwilligers wat te doen moeten hebben. Zij doen in een onbekend land werk waar ze niet voor zijn opgeleid." (Voor wie geen abonnement heeft: het artikel staat ook online en als je doorklikt kun je je gratis aanmelden voor 15 artikelen op de website.)

Hiermee begint het artikel in de NRC Next van 31 oktober 2014. Het is geschreven door Renske de Greef, de voormalige columniste van deze krant. Zij bracht in 2008 een half jaar door in Tanzania, verdiepte zich in de praktijk van het vrijwilligerswerk en schreef daar een roman over. Deze roman is hilarisch en verontrustend. Op GoTanzania kun je er een verhaal over lezen. 

Ik onderschrijf de bevindingen en de beschrijvingen van Renske volkomen. Het ís absurd om aan een school te gaan helpen bouwen, als vrijwilliger, terwijl evident is, dat je daarmee alleen maar van de Tanzanianen het werk afpakt. Zo goed als álles is fout aan zo'n project. Renske schrijft het weer kristalhelder op. Ze vertelt voor 100% hetzelfde verhaal als vier jaar geleden, naar aanleiding van het uitkomen van haar boek. Dit artikel moet je dan ook bekijken in het licht van de UNICEF-campagne. Een campagne tegen 'kinderen als attractie'. Daar gaat GoTanzania zich ook nog in verdiepen. (Nu niks over te vinden op de UNICEF-website.)

Renske trekt slechts één finale conclusie: ga géén vrijwilligerswerk doen. Die conclusie onderschrijf ik niet. Dat is het weggooien van het kind met het badwater. Het kan anders en het moet anders. Daarvan is GoTanzania wel overtuigd. (Niko Winkel)

Trouw: "Er is zeker wat mis met al die westerse vrijwilligers"

[29 oktober 2014]
Westerse vrijwilligers die zich storten op arme landen, wat is daar mis mee? Veel, betoogt Mark Franken van Movisie. 'Dit kan toch nooit de bedoeling zijn?Vrijwilligerswerk in een ontwikkelingsland, ook wel voluntourism genoemd, is populair onder jongeren. Unicef meldde onlangs dat er nu sprake is van een te grote toestroom van vrijwilligers naar met name projecten met kwetsbare kinderen. Unicef start daarom de internationale campagne Children are not tourist attractions. De uitwassen gaan echter nog veel verder.

Lees het hele opinie-artikel op de website van Trouw.

Nieuwsuur: "Kinderen zijn geen toeristische attractie"

[23 oktober 2014]
Vrijwilligerswerk doen in een ontwikkelingsland is populair, vooral met kinderen. Een bijzondere ervaring opdoen en de mensen daar helpen, wat kan ertegen zijn? Toch leiden goede bedoelingen soms tot een ware "vrijwilligersindustrie" en internationaal zijn er steeds meer twijfels over. Is alle hulp goede hulp?

Groeimarkt
Als vrijwilliger in Cambodja, Guatemala of Zuid-Afrika gaan werken met kinderen in een weeshuis of school. We kennen inmiddels allemaal wel iemand die het heeft gedaan of misschien bent u zelf wel op zo'n reis geweest. In deze groeimarkt worden er sinds enkele jaren ook reizen aangeboden voor middelbare scholieren, door. de organisatie Worldmapping. Inmiddels zijn er 34 middelbare scholen mee geweest en de organisatie verwacht te groeien: "Uiteindelijk willen we dat elke Nederlandse jongere de mogelijkheid heeft om dit een keer te doen," zegt directeur Michel Groenenstijn.

Lees verder op de website van Nieuwsuur 

Kijk hier naar de Nieuwsuur-reportage